Een bezoek aan Trix in Leiden, dat past in onze nieuwe weekend-activiteiten.

Maar eerst… als altijd… Zwemmen! Het is zaterdag, dus het is Sylvain-zwemdag,

Natuurlijk is het Trix de Tirex en niet de Ex-Koningin. We gaan naar Naturalis.

Eenmaal binnen blijkt het een veel groter museum te zijn dan wij dachten. Blij dat we een plattegrond kregen.

Voor je echt naar binnen gaat is er al een ruimte dat op zich al een museum mag heten.
Net binnen en we staan al vooraan met ons snufferds bij een uitleg over het opzetten van dieren. Twee uilen worden live uit elkaar gehaald en in stukjes geprepareerd om (deels) opgezet te worden. Het is een stuk minder eng of vies dan het klinkt, gaaf hoe echt het er uit ziet. Wellicht is het omdat het echt is, maar toch… Voor ons ligt al een opgezette eend of zo, mooi om zo dichtbij een echt dier te komen dat zo stil blijft liggen.

Nou, dat blijkt vaker voor te komen in dit museum, het staat hier vol met dieren. Zo’n 40 miljoen objecten, waar er slechts zo’n tig-duizend van getoond worden, liggen hier. Ruim voldoende om je een hele dag te verbazen en vergapen.
Had ons vanmorgen gevraagd of wij een neushoorn bovenop een stelling zouden zien staan of oog in oog met een vos zouden staan, dan hadden we vast gezegd dat dat niet zou kunnen, maar hier, hier kan alles.

Duizenden en duizenden botten, insecten, eieren, onderdelen van dieren, groot en klein. Bizar om te zien dat er zo veel dieren zijn, gaaf om alle lades open te mogen trekken en van heel dichtbij te genieten van mooie en enge dieren.
En op de kaart kan je dan mooi aangeven wat je allemaal gezien hebt. Gelukkig hoeft dat niet voor elk onderdeel ;o)

Verder boven in de eerste zaal zit een meneer te werken aan grote botten van een dino. Als wij komen aanlopen kunnen we nog prima in zijn inspirerend verhaal stappen. Wat een mooi verhaal zeg, goed uitgelegd over waarom er zo veel dino botten liggen in de Verenigde Staten en Canada. En ondertussen laat zijn collega zien hoe je zo’n nek-schild moet zandstralen en wat de gevaren zijn van dit werk.

En gevaren zijn overal. Terwijl je onder water wordt gelokt en naar een scherm moet kijken, hangt er opeens een super haai boven je hoofd.

Als je door het water heen loopt, ga je langzaam naar boven, waardoor je boven water komt en andere dieren tegen komt. Het is echt heel mooi gedaan. Alsof je in een paar minuten over de hele wereld loopt en alle dieren van dichtbij kan zien zonder gevaar te open. Nou ja, je moet wel 1,5 meter afstand houden natuurlijk. Niet van de dieren, maar van de mensen.

Rondom het water, waar wij net uit komen lopen, staan de mooiste en grootste dieren heerlijk te drinken.

Een paar meter verder op staat een ijsbeer. Kijk nou naar die poten!

Om te voorkomen dat we 40.000 foto’s delen van alle gave dieren hier, ga lekker zelf kijken, het is echt de moeite waard.

Een zaal verder gaat het van super mooie mineralen naar een mooi Japans gedeelte.

Hier sta ik gewoon voor mount Fuji.

In een Japans huisje onder aan de berg ontspannen we even en kunnen we onze vragen beantwoorden en dieren afvinken.

Toen we het huisje uit kwamen hadden we wel wat spannende momenten. We moesten over een bergwand lopen, en een klif. Best spannend!

Papa vond het zo te zien helemaal eng!

Ik vind het leuk om er mee te gaan stunten.

Geloof niet dat papa het zo leuk vindt dat ik loop te spelen met zo iets gevaarlijks. Maar of dit een passende straf is?

 

Wat? Hij gaat mij echt los laten! Neeeeee!

Snel een hal verder. Wellicht de meest bekende hal, en niet voor niets. Hier staan hele dino’s (van botten) zoals ze echt waren, in vorm en grootte; hoe gaaf!

Ademloos gaaf. En als je goed kijkt, in het echt dan, zie je op de achtergrond de dino’s in vlees en bloed bewegen door het bos, wat een spektakel.

Eigenlijk niet eens heel grote koppen, en dat voor zulke grote dieren, maar het maakt ze niet minder eng.

De een is nog raarder dan de ander.

Maar om de hoek van al die andere rare dieren, staat de grote trots van Naturalis: Trix de Tirex. En hij is gaaf, als je niet oplet bijt hij zo een hap uit je kont.

Rennen dus naar de volgende zaal, de ijstijd. Mooi miniatuur weergegeven hoe het leven op aarde er toen uitzag. Een mooi beeld en een echte weergave -denken we, want zo oud zijn we ook weer niet-.

Van al dat moois en die info krijg je honger. Goed dat ze verschillende picknickplaatsen hebben.

Rest ons nog naar de zalen dood en verleiding te gaan op de bovenste verdieping.
En het is al bij binnenkomst duidelijk, hier kijk je de dood in de ogen.

Een super mooie film rond om ons heen met het verhaal van leven en dood en wat er gebeurt als je dood gaat. Erg mooi om te zien.

En zo ligt deze verdieping ook vol met mooie dieren en informatie.

Het lijkt wel alsof er te weinig ruimte is om alles te laten zien.

En dan nog hebben ze ruimte voor een schotel met meelwormen en andere eetbare dieren, want dat gebeurt er nou eenmaal met je na de dood…

Maar er is ook nog ruimte om te leren over verleiding. Hier een computer-dans-spel om een dieren-veleidingsdans na te doen. Dat hoef je ons geen twee keer te vragen.

Het resultaat wordt mooi getoond. We hebben een soort secretarisvogel verleid zo lijkt het. Haha, wat een schatje.

Wat een belevenis weer zeg. Wat kunnen we nu nog doen om hier iets bijzonders aan toe te voegen.
Mama weet het wel hoor, alles staat klaar om te gaan tie-dyen. Dat hebben we voor het feestje van Chloé al gedaan, maar we hadden nog wat verf over. Lastig foto’s maken, want mama is boodschappen doen en papa staat met handschoenen aan ons te helpen, maar wellicht kan morgen het resultaat getoond worden. Allebei drie nieuwe shirts zelf gemaakt. Spannend hoe die drogen en of ze net zo mooi zijn als de vorige keer.

Nu voldaan slapen, we moeten goed rusten, want morgen… morgen gaan we naar een museum, we hebben de smaak te pakken. We gaan morgen vliegen!

Tot morgen.